sotai.eu  




 
D   GB  
 
Methode  Ademhaling  Bekken  Techniek 


Aus: Faszien - Paoletti - Urban & Fischer - München - 2002; mit freundlicher Genehmigung des Autors Serge Paoletti


Ademhaling en beweging
Bij het Sotaiho wordt ervan uitgegaan, dat alle bewegingen in verbinding staan met het lichaamsmiddenpunt. Zodra de bewegingen van de lichaamsuiteinden - handen, voeten of hoofd - niet meer met degene van de bekkengordel overeen komen, zullen in het bewegingsapparaat spanningen gaan optreden. Vaak kunnen wij observeren, dat een betrokkene met rug- of kniepijn zijn lichaamsgewicht niet meer over het midden van de voeten plaatst maar echter via de buitenkant van de voeten of erger nog via de hak naar de grond toe gaat brengen.

Is de spoor van het lopen normaliter smal, zal ze in dat geval zeker breed gaan worden. De gang wordt instabiel. Het zwartepunt wordt gedurende het lopen niet meer in het midden gehouden, maar zal abrupt van de ene naar de andere kant gaan wisselen. Op zijn beurt zal dat weer de oorzaak voor verdere klachten zijn.

In deze gevallen zal de ademhaling van de betrokkene zijn gestoord. Daarmee verbonden is een spanningsdysbalance binnen de diepe spierstructuren, zoals bijv. die van de m. transversus abdominis, die een belangrijke rol speelt bij de regulatie van de spanning binnen het fascienstelsel van de romp.

Daarom speelt de ademhaling een heel belangrijke rol binnen het Sotai-systeem. Gedurende de technieken wordt de betrokkene gevraagd uit te ademen.
Tijdens het uitademen draait het startje naar binnen en de spanning van de buikspieren neemt toe. De kracht kan nu in de onderbuik oftewel heupgordel worden gecentreerd (Hayashi, 1999).

Aan het eind van deze fase zal het de betrokkene een momentje bij zich houden (een pause maken). Ik heb het vermoeden, dat het volumen van het cerebrospinaal vloeistof gedurende deze fase tot een maximum zal toenemen.
Als gevolg staan de centrale membranen onder spanning, zodat vibraties, bijv. geinduceerd door een plotselinge ontspanning, in dit moment beter worden overdragen. Zeker zal deze vibratie de doorlaatbaarheid van het cerebrospinaal systeem gaan bevorderen en de stagnaties kunnen gaan oplossen.

De rol van de bekkenbodem
In de japanse krijgskunsten - het Budo - bestaat een belangrijke kennis: Als een verdediger op het moment van de aanval gaat inademen, zal zijn fundament niet sterk zijn. Hij zal gemakelijker een blessure gaan oplopen. Als hij maar uit gaat ademen, zal de basis van zijn wervelkolom beschermd zijn, hij is niet zo gemakkelijk te overwinnen.

In de afbeelding ziet U het bekken. Men ziet hoe de bovenkan van het heiligbeen door de last van het lichaam naar voren gaat kantelen.

Afb. uit: Bewegingsleer, deel III: de romp; Kapandji; BSL; Houten; 1995.   Met vriendelijke toestemming van Bohn Stafleu Van Loghum - www.bsl.nl

Anatomisch lijkt de bekkenbodem op een liggende acht. Net zoals twee krinsen, die de lichaamsopeningen omvaten en welke zich gedurende de afzonderlijke ademhalingsfasen afwisselend op en neer gaan bewegen.
Zeichner: Heiko Schulze

Het is de spanning in de bekkenbodem, die tegen het gewicht van het lichaam, dat op het bekken rust, tegenwerkt.
Hij is net een soort schokbreker, die ervoor zorgd, dat het tussen de twee heupbeenderen liggende heiligbeen niet vastgeklemd komt te zitten, maar elastisch opgehangen blijft.

De ademhaling is dus meer dan louter gasuitwisseling. Zoals wij boven hebben gezien, is de ademhaling opzich al een beweging. Zij is de sleutel voor de ontwikkeling van een krachtig lichaamsmidden.
Uiteraard is niet het oppervlakkige adempatroon bedoelt! De uitademfase zal tot aan het eind moeten worden gevoerd, en men zal zien, dat de daarop volgende ademhaling vanzelf gaat gebeuren.

Kumbhaka
Tussen de afzonderlijke ademhalingsfasen zijn er pausen. In het yoga worden deze momenten kumbhaka genoemd. In de bovenstaande tekst werd vooral ingegaan op de pause na het uitademen. Gedurende de inademing gebeurd er iets anders: tijdens deze fase zal het volumen van het cerebrospinaal vloeistof tot een minimum af gaan nemen, waardoor de centrale membranen hun spanning kwijt raken. Gedurende dit proces zal de wervelkolom voor plotselinge vibraties heel erg gevoelig zijn. Maar in de daaropvolgende pause (kumbhaka) komt het buikvel en daarmee de viscerale membranen onder spanning te staan. Het lichaam is weer tegen van buiten af komende invloeden beschermd.