Functie en structuur
Er bestaan verschillende behandelingsconcepten, welke of de functie van het bewegingsapparaat willen verbeteren of de structuur willen gaan veranderen. Bij het Sotaiho proberen wij deze twee met elkaar te vermenigvuldigen. Het gedachte hier is, dat en de functie en de structuur bij elkaar horen. Volgens de wetten van Wolf en Meier is dat niet nieuw! Met de verandering van de functie gaat er een wissel van weefsel plaats gaan vinden. Dat betekent, als ik de functie normaliseer, zal het weefsel kunnen genezen.
Het principe
Sotaiho is een manier van behandelen, waarbij de medewerking van betrokkene is gevergd. Een betrokkene voelt zijn lichaam vaak niet meer op de juiste manier. Zo zal hij bijna altijd zijn gefocusseerd op de pijnlijke plek. Zeker bij de chronisch betrokkene zal dit het geval zijn.
Met het Sotaiho is er een middel tot beschikking, waarmee een betrokkene in staat is zijn eigenwaarneming te trainen en het lichaam gevoelig te maken, met als doel de minimale bewegingsgewontes te ontdekken.
Door de voortdurende interactie wordt de directe medewerking van de betrokkene gevergd. Hij wordt in zijn zelfverantwoordelijkheid gevraagd, moet zelfstandig een keuze maken en bepalen welke soort beweging goed voor hem is en welke niet. Op die manier groeit een nieuw lichaamsbewustzijn.
Bewegingsketting
De oorzaak voor een stoornis van een grondpilaar ligt vaak aan de voortdurende herhaling van een gehabitueerd bewegingspatroon. Een beweging, die een keer op de foute manier wordt uitgevoerd is gemakkelijk te compenseren. Tienduisend keer hetzelfde patroon zal wat ergere konsekwenties gaan hebben. Door de jaren heen ingeslopte patronen zullen dus de pilaar kunnen laten collaberen.
Bij de mens is het gewicht normaliter over het midden van de voeten geplaatst. Ik heb het vermoeden, dat het lichaam van hieruit via de neurologische oprichtreacties zich gaat oprichten (Hogeschool Arnhem en Nijmegen, 1999). Vervolgens kan de kracht in de onderbuik worden verzameld (Hayashi, 1999), het bekken staat op de juiste manier naar voren gekantelt: dat is de oorspronkelijke toestand.
Maar als de mens moe gaat worden, zal die zijn gewicht meer naar de buitenkant van de voeten verplaatsen. Het gevolg is, dat de kracht niet meer in de onderbuik kan worden centreerd!
Vervolgens moet de wervelkolom via compensatiepatronen rechtop worden gehouden. Daarmee samen gaan spanningstoestanden, welke eerst de positie van het heiligbeen gaan beinvloeden. Afhankelijk van ons bewegingscharacter ontstaat er een torsie (óf naar links óf naar rechts) van de bekkengordel met de bijhorende zijwaarse kroming van de wervelkolom.
Werkwijze
De behandelaar dwingt de betrokkene nooit een pijnlijke beweging uit te oefenen! Er worden altijd alleen de aangename bewegingen bekrachtigt.
Bijvoorbeeld is de draaing van de heup gemakkelijker naar de linkerkant, dan wordt de betrokkene gevraagd, naar die kant te gaan bewegen.
Omdat het bekken het centrum is van het bewegingsapparaat, zal de basisbehandeling ook hier beginnen. Doel is de bewegingen van de lichaamsuiteinden samen te brengen met degene van de bekkengordel.
Met andere worden, alle handelingen, die aan het bekken beginnen hebben een hoge impact.
Oefening A "Inititiatie van de oprichtreactie"
De betrokkene ligt ontspannen op zijn rug, handen op de borst.
de voeten worden neergezet en de knieen gebeugd.
Kniekeeltest voor de bepaling van de behandelkant
Onderzoek
De behandeling begint op die kant, waar pijn kan worden provoceerd.
De betrokkene wordt vervolgens gevraagd zijn voorvoet op te gaan heffen en zijn zwartepunt zachtjes naar de hak te gaan verplaatsen.
Techniek
De behandelaar oefent heel licht druk uit tegen de bewegingsrichting aan.
Na 3 - 5 sec. ontspannen.
oefening 3 - 4 keel herhalen.
Werking:
Initieert de oprichtreactie en verbindt het centrum met het middenpunt van de voet.
|